Uitgelicht » Ton de Preter

Ton de Preter

Appels en peren, Ton de Preter, aquarel

Het onderwerp voor de aquarel waren de appels en peren uit de moestuin van mijn zwager. Ze hebben vrij lang op de tafel gelegen, in het vergiet ontstond uiteindelijk een compote.
Het bijzonder van dit werk is dat het op het atelier is opgezet maar dat de uiteindelijke uitwerking thuis is gedaan. De reden hiervoor is corona. Een aantal cursisten koos ervoor om een tijdje niet op het atelier te komen. Speciaal voor deze cursisten is de pagina Thuis op de website gezet. Met regelmaat zal ik een stilleven plaatsen en probeer dan het stilleven te omschrijven. Ik geef ook een indicatie van de te gebruiken kleuren. De resultaten zie ik graag tegemoet.

Het werk van Ton is prachtig geschilderd, de kleuren zijn zuiver gebleven en er is goed gebruik van het wit van het papier gemaakt. Het is een volwassen aquarel. Door het heldere kleurgebruik zou een verwijzing naar het al eerder behandelde Fauvisme kunnen worden gemaakt.

De aquareltechniek is over het algemeen een wat ondergeschoven techniek, wordt als niet echt volwaardig beschouwd. Dat heeft met name te maken met de galeriewereld. Waar leg je je prioriteit? Bij 40% provisie over een schilderij van € 2500,- of 40% provisie over een aquarel van € 900,- ?
Ton toont met deze aquarel aan dat de techniek wel degelijk een volwassen, zelfstandig medium is.

 


De tube
Wij staan er nooit bij stil maar tot 1842 maakte alle schilders hun verf zelf. Met een loper werd een pasta gemaakt dat bestond uit pigment, koudgeslagen rauwe lijnolie, saffloerolie en damar medium vernis.  Voor een strijkbare verf werd de pasta gemengd met een medium vernis dat bestond uit 1 deel standolie met 3 delen damar vernis. Een mooie film over het maken van olieverf vind je op de website van Verfmolen de Kat. De verf werd in schone varkensblazen bewaard.

Varkensblazen. Foto en collectie fabrikant Old Holland

Landschappen welk voor de uitvinding van de tube werden geschilderd waren over het algemeen composities van tekeningen die buiten werden gemaakt. In het atelier werd het uiteindelijke schilderij geschilderd.  Daar kwam verandering in toen John Goffe Rand, een Amerikaanse portretschilder in 1841 de tube uitvond. Een jaar later kreeg hij het patent op zijn uitvinding.  Die uitvinding betekende een grote verandering voor kunstenaars. Verf droogde niet meer uit en er kon nu makkelijk buiten worden geschilderd..

Beroemd door het buiten schilderen (het “plein air” schilderen) is het dorpje Barbizon, bij de plaats Fontainebleau, vlak onder Parijs. Schilders kwamen daar samen om buiten te gaan schilderen. Ook Nederlandse kunstenaars als Jacob Maris, Jozef Israëls en Jan Hendrik Weissenbruch reisden naar Barbizon om daar het Franse landschap te schilderen.  Wat eerst als decor in het schilderij fungeerde, het landschap, werd nu het onderwerp. De School van Barbizon (1830 -1870, in het begin werd nog met zelf aangewreven verf geschilderd), met als grondleggers de schilders Théodore Rousseau en Jean-François Millet was een reactie op de Romantiek. Waar in de Romantiek het landschap met veel versierselen en drama werd geschilderd beperkten de schilders van Barbizon zich tot de essentie van het landschap. Kleur en daarmee stemming werden onderwerp. Uitgangspunt was dat je een landschap in 2 uur schilderde. De uitvinding van de tube was voor deze schilders een zegen.

Landschap uit de Romantiek

Zwei Männer in Betrachtung des Mondes, 1819-1820. Caspar David Friedrich – Staatliche Kunstsammlungen Dresden

 

Landschap uit de School van Barbizon

Charles-François Daubigny, Reizende maan in Barbizon (ca. 1850) MSK Gent, olie op doek