Uitgelicht » Hoogdruk

Hoogdruk

Van de drie klassieke druktechnieken, de hoogdruk, diepdruk en vlakdruk, is de hoogdruk de oudste.

China
De geschiedenis van de techniek begint in China rond de 4e eeuw na Chr. waar afbeeldingen in steen of hout werden gebeiteld. Deze afbeeldingen werden als stempels op stof of papier afgedrukt. Waar in Europa nog op perkament werd gewerkt, kenden China het papier al. De hoogdruk was ideaal om teksten te verspreiden. Het drukken van een tekst kost immers aanzienlijk minder tijd dan het kalligraferen van een tekst in een oplage.

Zo ontstond rond 700 in China de alleroudste versie van de boekdrukkunst. Een vel papier werd beschreven met inkt die vervolgens tegen een  houtblok werd aangedrukt. De tekst stond nu op het blok. De delen die wit moesten blijven worden uitgesneden en verhoogde oppervlakken van het houtblok worden ingeïnkt om te drukken. Daarmee is gelijk de term hoogdruk verklaard. Alles wat weggesneden wordt niet beïnkt , alles wat hoog lag wordt wel beïnkt en afgedrukt.
Op deze film ziet u de traditionele manier van symbolen bakken, uitsnijden en drukken.


Europa
Waarschijnlijk is de Chinese hoogdrukkunst via de zijderoutes in Europa terechtgekomen. Rond 1400 begint de houtsnede zich in Europa te ontwikkelen. Er werd in eerste instantie geen kunst mee gemaakt. De techniek werd eerst gebruikt om teksten en illustraties te vermenigvuldigen.

 

Ingelheim Aula (Ingelheim am Rhein) Houtgravure Sebastiaan Munster 1544 op gerestaureerd papier. De prent toont het paleis van Karel de Grote. Collectie Jan Naezer.

Uit de houtsnede ontwikkelde zich, net als in China, in Europa de boekdrukkunst in. Er bestonden nog een losse letters of afbeeldingen, alles werd in één keer uit één blok hout gesneden.  Johannes Gutenberg (Mainz), ontwikkelde rond 1450 losse loden letters. De boekdrukkunst in Europa was geboren. In België In 1555 stichtte Christoffel Plantin een van de eerste grote drukkerijen in Antwerpen, het tegenwoordige Museum Plantin-Moretus.
In de Lage landen bloeide Deventer in de middeleeuwen op als Hanzestad én als centrum van religie en onderwijs. Het was in de 15e eeuw een van de eerste steden in de  waar de boekdrukkunst wortel schoot. Door de aanwezigheid van de Latijnse school en de Moderne Devotie, bloeide de vraag naar kennis en geschriften. De drukpers vond vruchtbare grond.

Aan het einde van de 15e en begin 16e eeuw bereikte de houtsnede een absoluut hoogtepunt met het werk van de Duitse kunstenaar Albrecht Dürer (1471-1528).


Soorten hoogdruk

  • De houtsnede: met gutsen en messen worden delen van een plaat hout weggesneden. De vlakken en lijnen die overblijven worden ingeïnkt en afgedrukt. Zo wordt een serie prenten, houtsneden, gemaakt. De houtnerven en de weerbarstigheid van het materiaal geven het resultaat een heel eigen karakter.
  • De houtgravure: deze wordt gesneden in kops hout met fijnere gereedschappen en afgedrukt op de zelfde manier als de houtsnede.
  • De linoleumsneden:in plaats van een plaat hout wordt de afbeeldinging een plaat linoleum gesneden.
“Zalig en voorspoedig 1952” Op kops perenhoud gesneden houdgravure. Maker onbekend. Collectie Jan Naezer.

Technieken
Voor een prent in zwart wit heb je maar één blok nodig. Met speciale gutsen wordt alles wat wat niet gedrukt wordt weggesneden. Vervolgens worden de overgebleven delen met inkt ingerold en wordt de afbeelding op papier afgedrukt. Dat kan met een pers, een lepel of met een baren

Baren, foto Popymetaal

Een prent met meerdere kleuren wordt of met de klassieke methode of met de reductiemethode gemaakt. Bij de klassieke methode wordt voor elke kleur een blok gemaakt welke, in verschillende drukgangen, over elkaar heen worden gedrukt.  Bij de reductiemethode wordt uitgegaan van één plaat waar steeds stukken uit worden weggesneden. Een prent, gemaakt via de reductiemethode, is voor een kunstenaar spannender dan het werken met meerdere blokken. Fout is fout, het weggesneden deel is niet meer te plakken.

 

Bronnen:

  • Kenniscentrum immaterieel erfgoed
  • Kenniscentrum China
  • Wikipedia